Overzicht I
Insulineresistentie
Insulineresistentie is een stofwisselingsstoornis waarbij lichaamscellen onvoldoende reageren op insuline. Hierdoor kan insuline niet effectief binden aan de insulinereceptoren, waardoor de opname, benutting en opslag van glucose in het weefsel verminderd zijn. Glucose blijft daardoor in het bloed circuleren, wat leidt tot hyperglykemie, terwijl de weefsels relatief te weinig glucose ontvangen. Het lichaam reageert hierop met een verhoogde insulineafgifte (hyperinsulinemie) om de bloedsuikerspiegel te normaliseren.
Een langdurig verhoogd insulinegehalte heeft negatieve effecten op de microcirculatie in de hoeflederhuid en vormt een belangrijke risicofactor voor hoefbevangenheid.
De diagnose wordt gesteld via bloedonderzoek (glucose‑ en insulinewaarden, eventueel dynamische testen). Uiterlijke aanwijzingen zijn onder meer de typische vetophopingen die passen bij EMS, vooral op de manenkam en rond de staartwortel. Een verhoogde gevoeligheid voor hoefbevangenheid, frequente koliek, veel urineren, lusteloosheid, prestatieverlies, nazweten en een sombere indruk kunnen eveneens op insulineresistentie wijzen.