Overzicht R
Ruwvoer
Ruwvoer is de verzamelnaam voor ruwe‑celstofrijke voedermiddelen zoals hooi, stro en silage. Het vormt, naast gras, de basis van het paardenrantsoen. In het wild besteedt een paard tot wel 18 uur per dag aan het grazen van overstaand, structuurrijk gras en legt het grote afstanden af op zoek naar voedsel. Het paard vult zijn relatief kleine maag (ca. 15–20 liter) en darmen langzaam maar continu met kleine porties. Omdat de maag voortdurend maagzuur produceert — in tegenstelling tot de mens — moeten lange eetpauzes (meer dan 4 uur) worden vermeden.
Ruwvoer vraagt om langdurig kauwen en intensief inspeekselen, wat essentieel is voor een gezonde spijsvertering. Speeksel buffert het maagzuur, en goed gekauwd, voldoende bevochtigd voer wordt beter verteerd. Daarnaast is kauwen een belangrijke bezigheid en noodzakelijk voor de slijtage van de tanden. Structuurrijk ruwvoer stabiliseert het darmmilieu en ondersteunt een gezonde dikkedarmfermentatie. De hierbij gevormde vluchtige vetzuren zijn de belangrijkste energiebron voor het paard.
Gras, vooral jong gras, wordt niet tot het ruwvoer gerekend: het bevat te weinig structuur, wordt te snel gegeten, te weinig gekauwd en draagt onvoldoende bij aan de fermentatie in de dikke darm. Alleen oud, hoog opgeschoten gras (overstaande begroeiing) benadert de eigenschappen van ruwvoer.
Hooi is het belangrijkste ruwvoer voor paarden. Silage is licht vochtig en daardoor stofvrij, wat het geschikt maakt voor paarden met luchtwegproblemen. Stro geeft wel vulling, maar is geen vervanging voor hooi: het bevat weinig voedingsstoffen, kan verstoppings‑ of ophopingskoliek veroorzaken en heeft vaak een hogere schimmelbelasting.
Productaanbevelingen

Ruwvoer

Ruwvoer

Ruwvoer

Ruwvoer